Castreren / Steriliseren

 

 

Eigenlijk castreren we honden enkel. Steriliseren wordt bijna nooit gedaan. Bij een castratie worden de eierstokken en baarmoeder of de testikels geheel weggehaald.  Soms is een castratie noodzakelijk, bijvoorbeeld vanwege een ernstige baarmoederontsteking.

Het grootste voordeel is natuurlijk onvruchtbaarheid en bij teven geen loopsheid meer. Veel dierenartsen beroepen zich op de medische voordelen van het castreren op jonge leeftijd. Hier wordt veel onderzoek naar gedaan. Gedragsveranderingen treden lang niet altijd op en zijn dus ook geen reden om een castratie uit te laten voeren in geval het een “macho” reu betreft.

 

Hieronder vindt u de resultaten van het onderzoek “Long-Term Health Risks and Benefits Associated with Spay / Neuter in Dogs” door Laura J. Sanborn M.S. van mei 2007
Resultaten onderzoek en enkele aanvullingen.

 

Reuen

Positieve kanten:

  • Het kleine risico (waarschijnlijk minder dan 1%) op teelbalkanker uitsluiten
  • Het risico op goedaardige prostaatproblemen verkleinen
  • Het risico op fistels verkleinen
  • Het misschien verkleinen van het risico op diabetes (geen gegevens bekend)


De negatieve kanten:

  • Wanneer gedaan onder het jaar, neemt het risico op botkanker significant toe. Botkanker heeft een zeer slechte prognose.
  • Het risico op het hartprobleem hemangiosarcoma (een kankervariant) neemt toe met een factor van 1.6. 
  • vergroot aanzienlijk het risico op mastceltumoren, lymfklierkanker en alle andere vormen van kanker.
  • Het risico op vertraagde schildklier verdrievoudigt (hypothyroïdisme)
  • Verdrievoudigt het risico op overgewicht
  • Verviervoudigt het (kleine) risico (minder dan 0,6%) op prostaatkanker.
  • Verdubbelt het (kleine) risico (minder dan 1%) op blaaskanker.
  • Verergert het risico op botproblemen
  • Vergroot het risico op ent-reacties met 27-38%.
  • Vergroot het risico op gedragsproblemen, met name angst/onzekerheid, agressie of reactief gedrag. Indien gecastreerd op jonge leeftijd, vergroot dit tevens het risico op geluidsfobieën en ongewenst sexueel gedrag als “rijden”.


Teven

Positieve kanten:

  • Wanneer voor de 2,5 jaar gecastreerd wordt, wordt het risico op mammatumoren aanzienlijk verkleind. Mammatumoren zijn in 50% van de gevallen goedaardig en 50% van de gevallen kwaadaardig. Omdat ze uitwendig voelbaar zijn, worden ze relatief snel ontdekt en zijn dan operatief gemakkelijk te verwijderen. Bij tijdige ontdekking is de prognose dus zeer gunstig.
  • Het risico op baarmoederontsteking wordt vrijwel nul.
  • Het risico op fistels wordt kleiner.
  • Het (zeer kleine, namelijk minder dan 0,5%) risico op blaas- baarmoeder- en eierstokkanker, verdwijnt.

 

Negatieve kanten:

  • Castratie voor het eerste levensjaar vergroot de kans op botkanker aanzienlijk. Botkanker heeft een zeer slechte prognose. 
  • Vergroot het risico op miltproblemen met een factor van 2.2 en hartproblemen met een factor van 5 of meer. Het betreft hier hemangiosarcoma. Deze vrij veel voorkomende kankersoorten zijn in meerdere rassen een van de grootste doodsoorzaken.
  • Vergroot aanzienlijk het risico op mastceltumoren, lymfklierkanker en alle andere vormen van kanker.
  • Verdrievoudigt het risico op vertraagde schildklierwerking  (hypothyroïdisme).
  • Vergroot het risico op overgewicht met een factor 1.6 – 2.
  • gecastreerde teven hebben 22x meer risico op acute pancreatitis.
  • Veroorzaakt castratie-incontinentie’ bij 4-20% van de teven.
  • Verergert het risico op chronische blaasproblemen en –ontstekingen met een factor 3-4.
  • Vergroot het risico op vulva-problemen als infecties, met name bij teven die voor de eerste loopsheid zijn gecastreerd.
  • Verdubbelt het (kleine, namelijk kleiner dan 1%) risico op tumoren in de urinewegen.
  • Vergroot het risico op botproblemen.
  • Vergroot het risico op ent-reacties met 27-38%.
  • Vergroot het risico op gedragsproblemen, met name angst/onzekerheid, agressie of reactief gedrag.
  • Indien gecastreerd op jonge leeftijd, vergroot dit tevens het risico op geluidsfobieën en ongewenst sexueel gedrag als “rijden”.

  
Conclusie: de gezondheidsvoordelen van castratie zijn voornamelijk denkbeeldig en er zijn aanzienlijke negatieve effecten, met name wanneer dieren worden gecastreerd voor zij volwassen zijn. Het idee dat gecastreerde dieren gezonder of gelukkiger zouden zijn of langer zouden leven, is grotendeels incorrect.